De staat van AI in Nederland: de cijfers, de kloof, en waar de kansen nog liggen (2026)
    Wetten en regels

    De staat van AI in Nederland: de cijfers, de kloof, en waar de kansen nog liggen (2026)

    Ferry Hoes

    Ferry Hoes

    10 augustus 2026

    Doet iedereen dit nou al, of zit je toevallig in een bubbel? Het is de vraag die bij elk gesprek over AI vroeg of laat opduikt. Het eerlijke antwoord staat niet in de hype, maar in de cijfers van het CBS en Eurostat. En die cijfers vertellen een genuanceerder verhaal dan zowel de optimisten als de sceptici beweren.

    De korte samenvatting: AI-gebruik in Nederland groeit hard, maar ongelijk. En precies in die ongelijkheid zit de kans voor organisaties die nu de juiste stap zetten. Dit is de actuele staat van AI in Nederland, met de cijfers erbij, en een eerlijke analyse van waar de kansen nog liggen.

    De hoofdlijn: een sprong in 2024, doorzettend in 2025

    In 2024 gebruikte 22,7 procent van de Nederlandse bedrijven met tien of meer werkzame personen minstens één AI-technologie. Dat lijkt bescheiden, maar de sprong ernaartoe is dat niet. Een jaar eerder lag het aandeel nog op 14,0 procent. Dat is een toename van bijna 9 procentpunt in één jaar.

    Die knik in de curve is het hele verhaal. De jaren 2021 tot en met 2023 schommelden rond de 13 tot 16 procent. AI was er, maar bewoog nauwelijks. Toen kwam de generatieve-AI-golf, en veranderde alles. De opkomst van tools als ChatGPT verlaagde de drempel drastisch, en de adoptie schoot omhoog.

    De cijfers van het CBS laten precies zien welke technologieën die groei trokken. Text mining, de automatische analyse van geschreven tekst, werd in 2024 gebruikt door 13,5 procent van de bedrijven, 2,5 keer zo vaak als het jaar ervoor. Natural language generation, het genereren van tekst, sprong naar 12,3 procent, drie keer zo vaak als in 2023. Dat is precies het type taak waar generatieve AI in uitblinkt. Spraakherkenning groeide van 3,7 naar 6,5 procent.

    De kloof naar bedrijfsgrootte is enorm

    Het gemiddelde verbergt een groot verschil. AI-adoptie in Nederland is sterk afhankelijk van de omvang van het bedrijf, en dat verschil is groter dan de meeste mensen denken.

    De CBS-cijfers over 2025, uit een aparte rapportage met eigen grootteklassen, maken de kloof scherp zichtbaar:

    • Microbedrijven (2 tot 9 werknemers): 13,8 procent gebruikte AI in 2025. Een verdubbeling ten opzichte van 2023, maar nog steeds een minderheid

    • Midden- en kleinbedrijf (10 tot 249 werknemers): 29,8 procent

    • Grootbedrijf (250 of meer werknemers): 66,2 procent

    Twee op de drie grote bedrijven gebruiken dus AI, tegenover iets meer dan een op de zeven microbedrijven. Binnen de microbedrijven bestaat bovendien nog een gradiënt: bedrijven met 5 tot 9 werknemers gebruikten in 2025 vaker AI (19,0 procent) dan bedrijven met 2 werknemers (11,6 procent).

    Dit is geen detail. Het aantal microbedrijven in Nederland is ongeveer vijf keer zo groot als het aantal bedrijven met tien of meer werknemers. De grootste groep organisaties in het land loopt dus het meest achter. Dat is tegelijk het probleem en de kans.

    De sectorverschillen zijn nog scherper

    Waar de kloof naar grootte al groot is, zijn de verschillen tussen sectoren nog uitgesprokener. AI-adoptie volgt de aard van het werk.

    Onder bedrijven met tien of meer werknemers torent de sector informatie en communicatie boven de rest uit, met 58,0 procent in 2024. Een jaar eerder was dat nog 37,0 procent, een enorme sprong. Daarna volgen de specialistische zakelijke dienstverlening en de financiële dienstverlening, sectoren die draaien op tekst, analyse en documenten. Precies waar generatieve AI op dit moment het sterkst in is.

    Aan de onderkant staan de bouwnijverheid (8,9 procent) en de horeca (9,0 procent). Sectoren waar het werk fysiek is en de directe toepassing van AI minder voor de hand ligt. Bij microbedrijven is het contrast zelfs extremer: in de sector informatie en communicatie gebruikte 50,4 procent AI, tegenover veel lagere percentages in andere bedrijfstakken.

    Een belangrijke nuance hierbij. Een laag adoptiepercentage in een sector betekent niet dat er geen kans ligt. Vaak is het tegenovergestelde waar. In sectoren waar weinigen AI gebruiken, levert een vroege, doordachte toepassing juist het grootste relatieve voordeel op. De koploper in een achterblijvende sector heeft meer voorsprong dan de zoveelste AI-gebruiker in een verzadigde markt.

    Hoe Nederland zich verhoudt tot Europa

    Internationaal doet Nederland het bovengemiddeld, maar het is geen koploper. Op de met Eurostat vergelijkbare basis, exclusief de financiële sector, kwam Nederland in 2024 uit op 23,1 procent. Daarmee stond het land zesde binnen de EU-27.

    Vijf landen scoorden hoger: Denemarken (27,6 procent), Zweden, België, Finland en Luxemburg. Het EU-gemiddelde lag op 13,5 procent. Nederland zat daarmee ongeveer 1,7 keer boven het Europese gemiddelde.

    Het Europese gemiddelde stijgt wel hard. Volgens Eurostat groeide het aandeel EU-bedrijven dat AI gebruikt van 8,0 naar 13,5 naar 20,0 procent in opeenvolgende jaren. Twee sprongen van vijf tot zes procentpunt op rij. Dat is geen toevallige uitschieter, maar een aanhoudende trend. Voor Nederland betekent dit dat de bovengemiddelde positie onder druk staat. Andere landen halen in.

    De burger loopt voor op het gemiddelde bedrijf

    Een van de meest onthullende contrasten in de data zit tussen wat mensen privé doen en wat organisaties officieel doen. In 2024 had 23 procent van de Nederlandse bevolking van 12 jaar en ouder al teksten, video's of afbeeldingen gemaakt met een AI-programma zoals ChatGPT.

    Dat cijfer verbergt een sterke leeftijdsverdeling. Onder 18- tot 25-jarigen lag het gebruik op 48,7 procent, bijna de helft. Onder 25- tot 35-jarigen op 41 procent. Onder 75-plussers op slechts 1 procent. Opleiding maakt eveneens verschil: 34 procent van de hoger opgeleiden gebruikte AI, tegenover 19 procent van de lager opgeleiden. Mannen (27 procent) iets vaker dan vrouwen (20 procent).

    De implicatie is groot. In vrijwel elke organisatie zitten medewerkers die AI privé al vlot gebruiken, vooral in de jongere leeftijdsgroepen. Zij nemen die gewoonte mee naar het werk, of de organisatie daar nu beleid voor heeft of niet. Het officiële adoptiecijfer van bedrijven loopt achter op het feitelijke gebruik door hun eigen mensen. Dat gat heet schaduw-AI, en het is een direct gevolg van deze mismatch.

    De belangrijkste bevinding: het is geen geld- of techniekprobleem

    Nu komt de bevinding die alles verandert aan hoe je naar deze kansen kijkt. Het CBS vroeg aan bedrijven die AI overwogen maar er toch van afzagen: waarom niet?

    Het antwoord is opvallend eenduidig. Gebrek aan ervaring was veruit de belangrijkste reden, genoemd door 74,6 procent van deze bedrijven. Dat gold voor alle grootteklassen en alle bedrijfstakken. Privacy speelde ook een rol, maar op afstand.

    Lees die 74,6 procent nog eens. De grootste rem op AI-adoptie in Nederland is niet de prijs. Niet de techniek. Niet de beschikbaarheid van tools. Het is het ontbreken van kennis en ervaring om AI zinvol in te zetten. Aanvullend onderzoek van Dialogic bevestigt dit beeld: gebrek aan kennis en vaardigheden, beperkte digitalisering en onbekendheid met wat mogelijk is, zijn de dominante belemmeringen. Veel ondernemers weten simpelweg niet wat AI concreet voor hun werk kan betekenen.

    Dit is de kern van het hele verhaal. Als de grootste barrière een kennis- en ervaringstekort is, dan is de oplossing geen grotere investering in technologie. Het is investeren in mensen. In geletterdheid. In het vermogen om te zien waar AI past en hoe je het veilig en effectief inzet.

    Waar de kansen nu liggen

    Uit de data komen vijf concrete kansgebieden naar voren. Stuk voor stuk plekken waar de afstand tussen huidig gebruik en mogelijk gebruik het grootst is.

    1. Het mkb en de microbedrijven

    Met 13,8 procent adoptie bij microbedrijven en 29,8 procent in het mkb ligt hier het grootste absolute inhaalpotentieel. De grootste groep organisaties in Nederland gebruikt AI nog het minst. Wie in deze groep nu een gerichte, praktische toepassing kiest rond taal, data of herhalend administratief werk, pakt een voorsprong die concurrenten nog niet hebben.

    2. De achterblijvende sectoren

    Bouw, horeca en andere fysieke sectoren staan onderaan. Maar ook daar draait een groeiend deel van het werk op tekst, planning, administratie en klantcommunicatie. Juist omdat weinigen in deze sectoren AI gebruiken, is het relatieve voordeel van een vroege toepassing er het grootst.

    3. Het verschil tussen aanraken en inbedden

    Het CBS-cijfer meet of een bedrijf minstens één AI-technologie gebruikt. Dat zegt iets over aanraking, niet over diepte. Onderzoek van Dialogic wijst erop dat AI zelden structureel is ingebed in de bedrijfsvoering. Veel organisaties die formeel meetellen als AI-gebruiker, benutten een fractie van het potentieel. De kans ligt niet alleen in nieuwe gebruikers, maar in het verdiepen van bestaand gebruik.

    4. Het dichten van de schaduw-AI-kloof

    Medewerkers gebruiken AI privé al volop, maar organisaties hebben er geen grip op. Die kloof is een risico onder de AVG en de EU AI Act, maar ook een kans. Het gebruik is er al. Wat ontbreekt is de structuur, het beleid en de vaardigheid eromheen. Dat is sneller te organiseren dan een adoptie vanaf nul.

    5. Het kennistekort zelf

    De grootste kans zit in de grootste barrière. Als 74,6 procent van de afhakers stopt door gebrek aan ervaring, dan is het wegnemen van dat tekort de meest directe hefboom die er is. Geen enkele andere investering raakt de kernrem zo precies. Organisaties die hun mensen AI-geletterd maken, zetten niet in op techniek maar op de daadwerkelijke bottleneck.

    Waarom vaardigheid de bepalende factor wordt

    De cijfers tekenen samen een duidelijk beeld. AI-adoptie in Nederland is geen technologievraagstuk meer. De tools zijn er, breed beschikbaar en betaalbaar. De burger gebruikt ze al. De grote bedrijven zijn ingestapt. Wat de adoptie nu remt, en wat het verschil bepaalt tussen organisaties die waarde halen en organisaties die achterblijven, is menselijke vaardigheid.

    Dat sluit aan bij wat internationaal onderzoek laat zien. Een AI-tool aanschaffen is eenvoudig. Er waarde uit halen vraagt om mensen die weten wat ze doen. De organisaties die dat begrijpen, investeren in geletterdheid en beleid, niet alleen in licenties.

    Er komt een wettelijke dimensie bij. De EU AI Act verplicht sinds februari 2025 dat organisaties zorgen voor voldoende AI-geletterdheid bij medewerkers die met AI werken (Artikel 4). Vanaf 2 augustus 2026 wordt dit gehandhaafd. Voor Nederlandse organisaties valt de commerciële kans dus samen met een wettelijke verplichting. De investering die je voorsprong geeft, is dezelfde die je aan de wet laat voldoen.

    De stand van zaken, samengevat

    Nederland zit in een overgangsfase. De adoptie is gesprongen en groeit door, maar ongelijk. Grote bedrijven en tekstgedreven sectoren lopen voor. Microbedrijven, fysieke sectoren en organisaties zonder AI-beleid lopen achter. De burger is verder dan het gemiddelde bedrijf. En de grootste rem is geen geld of techniek, maar een tekort aan kennis en ervaring.

    Dat maakt dit een uitzonderlijk moment. De kansen zijn het grootst op de plekken waar het gebruik nu het laagst is, en de sleutel tot die kansen is niet technologie maar geletterdheid. Organisaties die dat nu inzien, kunnen een voorsprong pakken die over een paar jaar de norm zal zijn. Wie wacht, kijkt straks aan tegen een lat die door anderen is opgehoogd.

    De cijfers laten weinig ruimte voor twijfel. Het venster is open. De vraag is wie er doorheen stapt.

    Wil je weten waar jouw organisatie staat ten opzichte van deze cijfers, en welke kansen er concreet liggen? Doe de gratis AI-Risicoscan en zie binnen vijf minuten waar je staat en waar de grootste winst zit.

    Ferry Hoes

    Ferry Hoes

    Ferry Hoes is veelgevraagd spreker en trainer op het gebied van AI-geletterdheid. Hij staat meermaals per maand op het podium voor organisaties zoals a.s.r., VodafoneZiggo en verschillende ministeries. In 2020 won hij de Anti-Discriminatie AI-Hackathon van de Nederlandse overheid.

    Deel dit artikel:LinkedInX / Twitter

    Klaar om je team te certificeren?

    Bekijk de AI-geletterdheid training of doe eerst de gratis gereedheidscan.